Levensverhaal schrijven: een voorbeeld, een opzet en 30 vragen
Wie zijn levensverhaal wil opschrijven, loopt meestal op twee dingen vast: hoe schrijf je een herinnering zo op dat iemand anders hem wil lezen, en in welke volgorde vertel je je leven? Hieronder vind je een voorbeeld, twee opzetten en een vragenlijst om mee te beginnen.
Wat is een levensverhaal?
Een levensverhaal is jouw leven, door jou verteld, meestal voor je kinderen, kleinkinderen of andere familie. Het is geen cv met jaartallen, en ook geen biografie die een ander over je schrijft. Het is de keuze van momenten die bepaalden wie je werd, en wat je ervan wilt doorgeven.
Een voorbeeld: zo maak je van een feit een herinnering
De meest gemaakte fout is opsommen. Dat lees je zo:
In 1974 ging ik in militaire dienst. Ik werd geplaatst in Ossendorp. Het was een zware tijd, maar ik heb er goede vrienden aan overgehouden.
Alles klopt, maar de lezer ziet niets. Vergelijk het met dezelfde herinnering, verteld als een scène:
De sergeant gooide mijn deken op de grond. ‘Opnieuw, De Vries. Hoeken van negentig graden.’ Het was half zes, buiten was het nog donker, en naast me stond Henk uit Groningen, die ook zijn bed opnieuw mocht opmaken.
Toen de sergeant weg was, keek Henk me aan en zei: ‘Nog veertien maanden.’ We moesten zo hard lachen dat we nog een keer opnieuw mochten. Henk werd mijn beste vriend. Op zijn bruiloft, vijf jaar later, was ik getuige.
Dit fragment is verzonnen, als illustratie. De plaats en de namen zijn fictief.
Het verschil: je laat de lezer erbij zijn. Een plek, een tijdstip, een zin die iemand zei. Je hoeft niet alles zo te vertellen, maar een paar van zulke scènes per hoofdstuk maken je verhaal levend. Schrijvers noemen dit show, don’t tell: laat zien wat er gebeurde, in plaats van te vertellen wat je ervan vond.
Twee opzetten voor je levensverhaal
Zonder plan blijft het meestal bij een mooi eerste hoofdstuk. Kies vooraf een opzet. Er zijn er twee die bijna altijd werken.
Chronologisch. Je vertelt je leven in de volgorde waarin het gebeurde. Overzichtelijk en makkelijk om mee te beginnen.
- Waar ik vandaan kom: ouders, grootouders, het huis
- Jeugd en school
- Diensttijd en studie
- De eerste baan en de grote liefde
- Gezin en loopbaan
- Verhuizen, emigreren, opnieuw beginnen
- Terugkijken: wat ik wil doorgeven
Per thema. Elk hoofdstuk gaat over één thema dat door je hele leven loopt. Persoonlijker, en sterk als je leven niet in een rechte lijn liep.
- Thuis: de huizen waar ik woonde
- Werk: wat ik deed en wat het me leerde
- De mensen die er het meest toe deden
- Keerpunten: de beslissingen die alles veranderden
- Spanje, of waar je ook terechtkwam
- Wat ik mijn kleinkinderen wil meegeven
30 vragen om mee te beginnen
Kies een vraag en schrijf er een halve pagina over, zonder te schrappen. Na tien vragen heb je het ruwe materiaal voor je eerste hoofdstukken.
Jeugd
- In welk huis ben je opgegroeid, en hoe rook het daar?
- Wat deden je ouders voor werk, en wat vond jij daarvan?
- Welk verhaal over vroeger werd thuis steeds opnieuw verteld?
- Wie was je beste vriend, en wat deden jullie samen?
- Wat was het eerste nieuws uit de wereld dat je je herinnert?
- Waar was je als kind bang voor?
Volwassen worden
- Welke opleiding koos je, en waarom die?
- Hoe was je diensttijd, of wat deed je in plaats daarvan?
- Wanneer voelde je je voor het eerst volwassen?
- Wat was je eerste baan, en wat verdiende je?
- Welke beslissing uit die jaren zou je nu anders nemen?
- Welke muziek, film of boek hoort bij die tijd?
Werk
- Welk werk heb je het langst gedaan, en wat was het mooiste moment?
- Wie was je beste baas, en wie je slechtste?
- Waar ben je in je werk het meest trots op?
- Wat ging er mis, en wat leerde je daarvan?
- Hoe veranderde je vak in de loop der jaren?
- Wat zou je een jonge collega nu aanraden?
Liefde en gezin
- Hoe heb je je partner ontmoet?
- Hoe was de dag dat je eerste kind werd geboren?
- Welke familietraditie wil je bewaren?
- Welke moeilijke periode kwamen jullie samen door?
- Wat hoop je dat je kinderen van jou hebben meegekregen?
- Welk verhaal over je ouders wil je dat je kleinkinderen kennen?
Terugkijken
- Waarom ben je ooit verhuisd of naar het buitenland gegaan?
- Wat is het grootste verschil tussen de wereld van je jeugd en die van nu?
- Wanneer was je het gelukkigst?
- Wat heb je nooit aan iemand verteld, maar zou je willen vastleggen?
- Welke les heeft het langst geduurd om te leren?
- Wat wil je dat er over je gezegd wordt?
Vijf tips uit veertig jaar schrijven
- Maak aantekeningen. Draag een klein notitieboekje bij je. Herinneringen komen op onverwachte momenten, en je onthoudt ze niet allemaal.
- Eerst de structuur, dan de zinnen. Op mijn zolder staat een doos met de eerste hoofdstukken van vijftig boeken die ik nooit afmaakte. Mijn enthousiasme bracht me tot het einde van hoofdstuk één; daarna wist ik niet hoe het verder moest.
- Mensen maken het verhaal. Beschrijf niet alleen wat er gebeurde, maar wie erbij was en wat ze zeiden.
- Herinnering is niet hetzelfde als waarheid. Schrijf op hoe jij het beleefde, en wees zorgvuldig met wat je over anderen deelt.
- Maak het af. Laat je manuscript een week liggen en lees het dan opnieuw. Meestal valt het mee. Daarna kun je het laten drukken, vanaf één exemplaar.
Gratis gids: tien lessen om je levensverhaal te schrijven
Wil je meer? In de gids Jouw leven in jouw woorden vertel ik in tien korte hoofdstukken hoe je begint, hoe je structuur aanbrengt, wat je doet als je vastloopt en hoe je verhaal een echt boek wordt.
Download de gids (PDF, 17 pagina’s)
Wil je jouw levensverhaal schrijven met iemand die meeleest en je begeleidt? Ik werk 1-op-1 met je, online en soms face-to-face, van je eerste alinea tot een gedrukt boek.
Plan een kennismaking